De rozen
- Je opende de openslaande deuren:
- het leek of met de rozen rond het gras
- het paradijs teruggewonnen was,
- alleen met nog meer kleuren en meer geuren.
- Wie dit gekend heeft moet maar niet meer zeuren.
- De dagen van de rozen zijn zo ras
- vervlogen dat ik ze na jaren pas
- weer dromen kan in geuren en in kleuren.
-
- Door rozegeur word ik met open ogen
- nog mooier dan door maneschijn bedrogen,
- en snuif ik diep en doe mijn ogen dicht
- dan gaat mijn neus, ontsnapt uit mijn gezicht,
- de hortus op en wandelt door de tijd
- een weg terug die over rozen leidt.
- --oOo-- -