Pyramus en Thisbe
Naar Speenhoff
Dit is het bloedig moordverhaal van Pyramus en Thisbe
- De een, een schone jongeling, wiens ouwe heer in vis dee
- De andere, miss Babylon, de dochter van de buurman,
- Bij wie hij op beperkte schaal des avonds door de muur kwam.
-
- Die muur had namelijk een spleet (het ding zat er al jaren),
- maar in die tijd had Babylon gebrek aan metselaren.
- De ‘Aziatische idee’, zo heette het, ging voor—en
- men bouwde tegen wil en dank aan de mislukte toren.
-
- De huisbaas schreef in spijkerschrift, hetgeen een hele toer was,
- een lang request waarin stond dat bij hem de muur ajour was.
- Maar toen het aankwam op de plaats waar zo'n request moest wezen,
- toen brak de spraakverwarring uit en niemand kon het lezen.
-
- Door deze spleet nu wurmde Thisbe 's avonds hare lippen
- en Pyramus placht dan daaraan een poze-lang te nippen.
- Dat was misschien wel aardig, doch hoezeer zij ook genoten,
- toch waren beiden er op uit hun afzet te vergroten.
-
- Dus Thisbe op een goede dag sprak in het Babylonisch,
- die muur is toch maar niks gedaan, hij maakt mijn hele koon vies.
- Je hebt gelijk sprak Pyramus, die muur dat is een vieze,
- vanmiddag bij het eten, zat de kalk nog in mijn kiezen.
-
- Ik heb een plan, we gaan eruit, we doen het clandestien zus
- achter het Wilhelminapark, daar ligt het graf van Ninus.
- Dat is een plekje waar geeneen ons kan bespioneren,
- ik wil nu weleens weten wat wij zonder muur presteren.
-
- En zo begaven beiden zich met uitgedachte smoezen
- apart naar wijlen Ninus toe om daar te rendez-vousen.
- Doch Thisbe die het eerste kwam werd bleek gelijk een lelie
- toen zij een leeuw trof, juist ontsnapt uit Barnum en Bailey.
-
- Die leeuw zat daar op Ninus' graf en at wat eens een ree was
- en keek precies of in zijn maag nog plenty plaats voor twee was.
- Het arme kind wist weliswaar het ondier te ontkomen
- maar het kostte haar d'r mantel, die ze pas had laten stomen.
-
- Toen nu de leeuw verdwenen was kwam Pyramus haar vrijer
- en las op het verscheurde flard de naam van Brenninkmeijer.
- Hij wist dat dit de firma was, waar Thisbe vaste klant was
- en snapte dus direct wat of er met haar aan de hand was.
-
- Zijn haren rezen overeind, z'n wangen werden sneeuw-wit,
- hij dacht het heeft er alles van dat Thisbe in een leeuw zit.
- Ach waren we nu nog maar thuis, zelfs met de muur er tussen
- want iemand binnen in een leeuw die laat zich lastig kussen.
-
- Vaarwel mijn ouders, nimmermeer keert Pyramus uw zoon thuis,
- ik sla nu mijn penaten op in huize Aidoneus.
- Hij trok daarop een slagersmes, hij stak het in zijn baadje
- en zonk toen rochelend ineen op Thisbe's C&A-tje.
-
- Toen Thisbe hem daar liggen vond,—gij raadt het reeds, eilasie
- een mens is van nature toch geneigd tot imitatie!—
- trok zij het mes uit Pyramus en stak het in haar sinus.
- Toen lagen twee kadavers daar, nog afgezien van Ninus.
-
- Moraal
-
- Dit drama leert ons iets omtrent de ouderlijke plichten.
- Men dient de gaten in zijn huis terstond te laten dichten.
- Wie dit niet doet die brengt zichzelf in vele ongemakken,
- Dus hebt gij jonge dochters thuis; laat er dan behang op plakken!
Uit: Kees Stip, Vijf variaties op een misverstand, 's Gravenhage, 1950.

Pyramus en Thisbe op een fresco in het huis van Loreius Tiburtinus in Pompeji.
- --oOo-- -