Hoogeveens verbeterd leesplankje
- Op hoge poten stond het voor de klas
- met platen door de juffrouw aangewezen
- en letters om de namen mee te lezen
- alsof je niet vanzelf zag wat het was.
-
- Het lam had van het vuur niet veel te vrezen,
- de schapen stonden grazend in het gras.
- Als letterkundige begreep je pas
- dat mies geen jet en jet geen mies kon wezen.
-
- En 's avonds met het maanlicht door de ramen,
- te wakker om te slapen en te moe
- om te begrijpen waarvandaan en hoe,
- lag je te wachten tot de letters kwamen
- en dansten in je kleine paradijs
- als aap noot mies wim zus jet teun vuur gijs.
Uit: Lachen in een leeuw - Verzamelde gedichten, 1993.
Het houten leesplankje van Hoogeveen werd in 1870 bedacht door hoofdonderwijzer M.B. Hoogeveen (1863-1941) uit Stiens, geïnspireerd door een Duits voorbeeld. Het uitgangspunt erachter was dat scholieren leerden woorden te ontleden in klanken, en door het samenvoegen van klanken nieuwe woorden konden maken.
De eerste versie van het leesplankje bestond uit twee rijen met in totaal 15 woorden: raam, roos, neef, fik, gat, wiel, deur, zes, juk, schop, voet, bok, bijl, ei, ui. Vanwege het ontbreken van de klanken 'uu' en 'eu' was er snel behoefte aan een nieuwe leesplank. Een jaar later volgde dan ook een nieuwe versie met 16 woorden: raam, roos, neef, fik, gat, wiel, zes, juk, schop, voet, neus, muur, bijl, hok, duif, ei. Van deze versie zijn ongeveer 3000 plankjes gemaakt.
Later werd het plankje opnieuw bewerkt door Jan Lighthart en H. Scheepstra en voorzien van tekeningen door C. Jetses. Uit deze samenwerking was eerder de serie boekjes van Ot en Sien voortgekomen. Het resultaat was het plankje met de bekende woorden: aap, noot, mies, wim, zus, jet, teun, vuur, gijs, lam, kees, bok, weide, does, hok, duif, schapen. De uitgeverij J.B. Wolters uit Groningen kocht de rechten op en gaf in 1906 een klassikale versie van het verbeterde leesplankje van Hoogeveen uit op een houten bord van 105 bij 93,5 cm en kleinere versies voor de leerlingen van 30 bij 22,5 cm. De plastic uitgave verscheen in 1967, de magnetsiche na de fusie met P. Noordhoff in 1968.
- --oOo-- -