Het Kerstkribje
- De vlammen stonden bevend en bedeesd
- te branden in de kerstboom, en daaronder
- eerbiedig aangetreden om het wonder
- de ezel en de os, het brave beest.
-
- En Jozef ook, misschien het allermeest
- verwonderd over wat er met en zonder
- hem was gebeurd, maar blozender, haast blonder
- en blijer dan hij ooit nog was geweest.
-
- Maria in Mariablauw en wit,
- de wijzen uit het oosten met geschenken.
- zou iemand aan iets lelijks kunnen denken
- bij zoveel moois en liefelijks als dit?
- Er blonk een ster. Herodes was te vroeg.
- Het kindje had nog heel wat voor de boeg.
Uit: Au! De rozen bloeien; sonnetten van bedreigd geluk, 1983.
- --oOo-- -