Janus had twee aangezichten
- Janus,—niet "neef", maar de god,—had twee aangezichten
- Er is altoos baas bóven baas, en thans vindt ge van die nachtlichten,
- Om beurten zien ze U aan met de kijkers van hond,
- En gluren ze naar U, of een kat voor U stond;
- En dàn weer is het, of een uil met zijn blikken U verslond.
- Voor menschen, die 's nachts uit een akeligen droom ontwaken,
- Zijn zulke lichtjes geschikt, om hen nog akeliger te maken,
- Zoodat zij van angst wegkruipen onder het beddelaken.
- Gelukkig, wie, als U, Mevrouw, 's nachts nóóit wakker schrikt,
- En voor wie het daarom eender is, of een hond, of een kat, of een uil naar haar blikt.
François Haverschmidt.
- --oOo-- -