Fuguette
- Claudien, jij speelt piano, en ik zit
- In de warande, en luister naar het zingen
- Uit het innige hart der stille dingen,
- En luister naar de stem der nacht die bidt
-
- Nu is mijn hart heel stil geworden: dit
- Is het stil einde van het groote dringen.
- De regens die tusschen ons beiden hingen,
- Claudien, zijn over en de nacht is wit.
-
- Zachtheid, zachtheid is het woord van muziek:
- Het is of je op een groene heuvel toeft,
- Een fabel leest, of ziet een mozaïek—
-
- en 't hart, ontvangend wat het hart behoeft,
- Niet meer van pijn verbijsterd, niet meer ziek,
- Vergeet—een glimlach lang—wat het bedroeft.
Uit: Vormen, 1924.
- --oOo-- -