‘Paradise regained’
- De zon en de zee springen bliksemend open:
- waaiers van vuur en zij;
- langs blauwe bergen van den morgen
- scheert de wind als een antilope
- voorbij.
-
- zwervende tussen fonteinen van licht
- en langs de stralende pleinen van 't water,
- voer ik een blonde vrouw aan mijn zij,
- die zorgeloos zingt langs het eeuwige water
-
- een held're, verruk'lijk-meeslepende wijs:
-
- “Het schip van den wind ligt gereed voor de reis,
- de zon en de maan zijn sneeuwwitte rozen,
- de morgen en nacht twee blauwe matrozen—
- wij gaan terug naar 't Paradijs.”
- --oOo-- -