Denkend aan Holland
- Soms heb ik heimwee
- naar dat land, en zijn zee.
- maar als ik denk aan de menschen
- wordt het verlangen gesmoord.
- ik heb in hun zielen
- geen spoor van weerklank gehoord
- van de ontzaglijke ruimte
- waarin zij leven;
- noch dat zij zweemden
- naar het accoord,
- dat dag en nacht
- langs hun kust wordt gehoord,
- of naar de macht van hun beemden;
- slechts hun ziel is met duister behangen
- gelijk hun hemel.
- gloed en verlangen,
- hartstocht en onbevangen geloof
- zijn in bedompte gebeden
- langzaam maar zeker
- gedoofd.
Gepubliceerd in: Der clercke cronike, Gronings studentenblad, 13 maart 1937.
Niet te verwarren met het veel beroemdere gedicht
Herinnering aan Holland over hetzelfde onderwerp en met dezelfde openingswoorden.
- --oOo-- -