Zie je ik hou van je
- Zie je ik hou van je,
- ik vin je zoo lief en zoo licht—
- je oogen zijn zoo vol licht,
- ik hou van je, ik hou van je.
-
- En je neus en je mond en je haar
- en je oogen en je hals waar
- je kraagje zit en je oor
- met je haar er voor.
-
- Zie je ik wou graag zijn
- jou, maar dat kan niet zijn,
- het licht is om je, je bent
- nu toch wat je eenmaal bent.
-
- O ja, ik hou van je,
- ik hou zoo vrees'lijk van je,
- ik wou het helemaal zeggen—
- Maar ik kan het toch niet zeggen.
Uit: Verzen, 1890.
- --oOo-- -