Serenade
Nieuw-dadaïstisch Rijm, opgedragen aan den schranderen schilder Theo van Doesburg.
“Dada is een ladder zonder sporten.” Th. van Doesburg.
- O, Kunigond! O, Kunigond!
- Heel mijn genezen minnemond!
- Ontwaak, zoodat uw boezem ziet
- Den drieklank van mijn liefdelied!
- De smartgeur van mijn grooten teen
- Juicht door den nacht der eeuwen heen.
-
- O, Kunigond! O, Kunigond!
- Slaap door, en kijk terwijl in 't rond:
- Ziet, hoe de heete regen schijnt,
- Hoe druipend kil de zon verdwijnt,
- De krijtrots ruischt ruischt, de beek verwelkt,
- Terwijl de boer zijn kiekens melkt.
-
- O, Kunigond! O, Kunigond!
- De plek, waar eens ons graf op stond,
- Snelt henen in onbluschbren vaart,
- De wurmen fladren hoog bij d' aard,
- De koe beklimt den torenklok,
- Onwrikbaar, in gestaag geschok.
-
- O, Kunigond! O, Kunigond!
- Mijn ogen puilen uit mijn mond,
- 'k Druk in mijn schedel haar op haar,
- En 'k pers mijn ooren op elkaar;
- Hoort hoe 'k, den brauw bedekt van 't schuim,
- Mijn tranen wegpink met mijn duim.
-
- O, Kunigond! O, Kunigond!
- Se sneeulaag dondert, kakelbont,
- Als, lonkend naar uw Deodaat,
- Uw rechter neusgat opengaat,
- Hier staan ik, in parfait amour!
- (Ik zelf niet maar mijn oudste broer.)
-
- O, Kunigond! O, Kunigond!
- Ik doe je tusschen haakjes kond,
- Alsdat ik stierlijk van je hou,
- En morgen met je zuster trouw,
- Het wicht, in 't zuigen lang vergrijsd,
- Bemint de melk—geef mij maar rijst.
-
- O, Kunigond! O, Kunigond!
- Hoog boven de vergane grond!
- Wen straks de telegraafdraad breekt,
- Dan slaapt gij rustig door, dat spreekt,
- Maar ik klim, staande op mij kop,
- Een sportenloozen ladder op.
-
- O, Kunigond! O, Kunigond!
- Wee! Godin Amor schiet zijn lont.
- Ruik hoe, terwijl gij wordt geschaakt,
- Uw kleinzoon in vervoering raakt,
- Onz' ouders, die in 't water staan,
- Zien ons, twee arme wezen gaan.
-
- O, Kunigond! O, Kunigond!
- Nu blaft de kat, en fluit de hond.
- Wij rennen toomeloos, maar vlug,
- Op liefdevleuglen, rug-aan-rug,
- Om met uw bruid, gelijk de vlieg,
- Den dood t' hervinden in den wieg.
(Dit Rijm mag op dadaïstische avonden gratis voorgedragen worden.)
- --oOo-- -