Spiegeling
- Een duivenveeren hemel weerspiegelt in de zee,
- Blauw licht dampt tusschen hemel en stiller hemelbeeld.
-
- Ter eene en andre zijde rondt zich de kling der kust
- Naar een vervloeiden einder van zee, lucht, land en mist.
-
- De erinnering wordt wakker aan een verloren schoon;
- Een oud gevoel keert weder van uit een langen droom.
-
- Een droom van stemmen en van gelaten en gerucht
- En steeds vermoeider worden, en dien men leven zegt.
-
- 't Was eerst een eindloos hunkren, een dwalen her en der,
- Werd toen een daaglijksch derven, en toen ook dat niet meer.
-
- —Het uur wordt later, 't duister groeit door het grijze heen.
- Een parelzwarte hemel schaduwt de schemerzee.
- --oOo-- -