Bevrijding
- De schrille voorjaarsavondstad onttreden
- Volg ik de donkere, verlaten straat,
- Door de armen drom van 't klaterfeest gemeden,
- Die naar de nachtelijke kaden gaat.
-
- De dag is henen en de zwaarte is henen,
- Het luide en snelle leven was, was het hier?
- Nu is er slechts een door de maan beschenen,
- Verheerlijkt zeewaarts-stroomende rivier.
-
- En een gedachte is als diep ademhalen
- In de benauwenis des daags gedaald:
- Hoe dat ik lang verworpen moest verdwalen
- In leven, dat naar geen verlossing taalt.
-
- Om, ouder nu, maar de eendere, te komen
- Tot dit zwart water, dezen reinen schijn,
- En te beseffen, dat de vroege droomen
- Achter de jaren niet gestorven zijn.
Uit: Media Vita, 1931.
- --oOo-- -